Geleerde fabrikantenzoon sticht grootste handelsbank in Nederland

hoofdstuk 21

Wie in de 21ste eeuw ABN AMRO zegt, klant is, of er wel eens geld pint, weet veelal niet dat deze belangrijke speler in de financiële wereld een oorsprong heeft op het Korteland, op de hoek van de Brinkstraat en de Veenweg – later Veenstraat – in Enschede. Daar begon dr. Benjamin Willem Blijdenstein jr. – senior was zijn vader die ook B.W. heette – in 1833, nadat hij in Leiden magna cum laude was gepromoveerd in de rechtswetenschappen, een notariaat dat uitgroeide tot de Twentsche Bank.1 In 1858 vestigde BW’s zoon Willem Benjamin een kantoor in Londen. In 1908, toen het kantoor van de Twentsche Bank in Enschede was verhuisd naar de Langestraat, naar het historische Roessinghhuis, gebouwd rond 1800, werd bescheiden het vijftigjarige bestaan van de Enschedese vestiging gevierd. Een porseleinen tegeltableau, met afbeeldingen van het eerste kantoor aan de Veenstraat en het kantoor aan de Langestraat, hield de herinneringen aan de voorbije halve eeuw levend.2 In 1909, toen de villa aan de Langestraat te klein was geworden, opende de bank een nieuw kantoorgebouw aan het Hoedemakersplein.3 Het was gebouwd naar een ontwerp van Arend Beltman, zoon van architect Gerrit Beltman, in de stijl die toen populair was, de Um 1800-beweging, een versobering van de door velen als te overdadig beschouwde, te uitbundige Jugendstil, tot eenvoudige klassieke vormen. De Twentsche Bank was in 1910 de grootste handelsbank in ons land en behoorde tot de Grote Vijf in bankenland, de vier andere waren de Rotterdamsche Bankvereeniging, de Amsterdamsche Bank, de Incasso-bank en de Nederlandsche Handel-Maatschappij. 

Verder lezen?


Bronnen

22 / Jan Hendrik Assink, toeschouwer bij stakingen in twintigste eeuw

Naar begin Geschiedenis